Hoofdorgel: Vierdag, 1972 (28/III/P)

Bethlehemkerk

Algemene informatie

De Bethlehemkerk maakt geen deel uit van het Haags Orgel Kontakt (HOK). De akoestiek van de kerk is aangenaam, evenals de geluidsinstallatie.

Hoofdorgel: Vierdag, 1972 (28/III/P)
Koororgel: n.v.t.
Titulair organist: Aarnoud de Groen, tevens organisator van concerten (Youtube)

Website: Bethlehemkerk
Adres: Laan van Meerdervoort 627
Bouwjaar: 1929-1931
Architecten: J.C. Meischke en P. Smidt
Beheer/gebruik: PKN-gemeente

Bethlehemkerk

Voorgeschiedenis

De Bethlehemkerk aan de Laan van Meerdervoort is de opvolger van de in 1857 gebouwde Bethlehemskerk in de Breedstraat. Een zaalkerk die oorspronkelijk ‘Armenkerk’ of ‘Tiendenkerk’ werd genoemd. Dit gebouw werd in 1928 verkocht, waarna zich er een papiermagazijn vestigde. Daarna werd het gebouw gekocht door de Gereformeerde Gemeente, die het verbouwde en in 1934 in gebruik nam. Daarbij werd de entree verplaatst naar de Oude Boomgaardstraat, met een toegang tussen de bebouwing. In 1985 werd dit gebouw gesloopt en verrees er een geheel nieuw kerkgebouw dat de naam ‘Bethaniëkerk’ kreeg.

De ‘Tienden’ waren sinds het Oude Testament bestemd voor de armen.

Bouwgeschiedenis

De nieuwe Bethlehemkerk aan de Laan van Meerdervoort werd tussen 1929 en 1931 gebouwd naar een ontwerp van de architecten Johan Coenraad Meischke en Pieter Smidt, als gevolg van een ontwerpopdracht van de Nederlandse Bond van Architecten voor een ‘tiendenkerk’ voor circa 1200 zitplaatsen, met bijgebouwen en een kosterswoning.

Oorspronkelijk was de opdracht gegeven aan de architecten G. van Hoogevest uit Amersfoort, W. Chr. Kuiper uit Scheveningen en J.C. Meischke uit Rotterdam, die allen lidmaat waren van de Nederlands Hervormde Kerk. De commissie ‘Tiendenkerk’ koos uiteindelijk voor het ontwerp van Meischke en Smidt. De bouw van de kerk werd gegund aan aannemer W. Koorevaar uit Alblasserdam.

De totale kosten bedroegen 350.000 gulden, die uit diverse fondsen bijeen werden gebracht, waaronder giften van koningin-moeder Emma, H.M. koningin Wilhelmina en H.K.H. prinses Juliana.

De eerste steen werd gelegd op 26 oktober 1929. Na enige bouw-, financiële en gezondheidsproblemen bij de aannemer kon de eerste kerkdienst plaatsvinden op 22 juni 1931.

Al gauw kreeg de kerk de bijnaam ‘Gereformeerde Kathedraal’. Het gebouw staat sinds 1988 op de gemeentelijke monumentenlijst.

Gebouw

Zowel de Haagse School als andere architectuurrichtingen hebben hun stempel gedrukt op het ontwerp van de Bethlehemkerk. De kerk is opgebouwd in roodbruin metselwerk met enkele sierbetonaccenten en voorzien van een imposant, met vlakke pannen gedekt zadeldak. In de gevels zijn zowel horizontale als verticale elementen toegepast. Even imposant zijn de grote vensters in de zijgevels, gescheiden door zware muurdammen. Boven de vensters zijn betonnen uitstekende gevelbanden toegepast die het horizontale element versterken. De muurdammen benadrukken juist het verticale element in de architectuur van de kerk.

Opvallend is ook het gebruik van glazen bouwstenen bij de beide trappenhuizen aan weerszijden van de entree aan de westzijde, aan de Klaproosstraat.

Aan de andere zijde, bij de Azaleastraat, steekt een soort koor uit de bebouwing met daaraan een apsis met een halve tienhoekige plattegrond. Hierin zijn op de hoeken muurdammen als steunberen toegepast, maar er is geen enkele gevelopening. De apsis heeft een op de gevel van het ‘koor’ aansluitend tentdak. Aansluitend aan de apsis is, in de gevellijn van de Azaleastraat, een aanbouw met bijgebouwen gerealiseerd.

De markante 55 meter hoge toren met luidklokken en aan alle vier zijden een wijzerplaat van het torenuurwerk, ligt in de zichtas van de Laan van Eik en Duinen en op de hoek van de Laan van Meerdervoort. De torenspits is met koper gedekt. Ook heeft de toren onder de grote wijzerplaten aan alle kanten een klein maar opvallend balkon. Aan de vier hoeken steken waterspuwers naar buiten.

Interieur

Het interieur oogt sober en strak, maar heeft ook charme. Er is veelvuldig gebruik gemaakt van fraai uitgevoerd schoon metselwerk, terwijl ook wanden zijn witgepleisterd. De kerkzaal oogt licht door de grote raamvlakken.

De overkapping heeft de vorm van een spitsboog. Later heeft het interieur enkele moderniseringen ondergaan, waaronder de orgeltribune, die nu de apsis afsluit en een ‘aandachtswand’ vormt. Toen zijn ook de door rondbogen besloten loges voor kerkenraad en koninklijke familie vervallen. Het liturgisch centrum wordt nu afgesloten door een vlakke gestucte wand, onderbroken door muurgedeelten met grijze betonstenen die doorlopen tot waar het kerkschip begint.

De kansel is naar de rechterkant verhuisd, voor de kerkbezoekers links, en staat dus niet meer in het midden. Ook de doopvont en avondmaalstafel zijn van latere datum. Het meubilair, waaronder de teakhouten kerkbanken in drie vakken, is van de bouwtijd.

Met de verbouwing van de kerk is ook een circa twee meter hoge afsluiting geplaatst, waardoor een ontmoetings- en koffieruimte is ontstaan. Ook de vloerbedekking is van latere datum.

De akoestiek is aangenaam, evenals de geluidsinstallatie.

Bethlehemkerk Den Haag interieur liturgisch centrum
Afb. 10: zicht naar liturgisch centrum met kansel, doopvont, tafel, lezenaar en vleugel. Het orgel bevindt zich recht boven de tafel.

Orgel

Het orgel dat nu in de Bethlehemkerk staat, is het derde instrument in deze kerk.

In de ‘voorloper’ van de huidige Bethlehemkerk, de Bethlehemskerk in de Breedstraat, werd in 1860 door orgelbouwer Willem Hendrik Kam een tweeklaviers orgel gebouwd. Dit orgel werd bij de verhuizing van de Breedstraat naar de Bethlehemkerk aan de Laan van Meerdervoort overgeplaatst naar deze nieuw gebouwde kerk. Daar kreeg het orgel een plaats op een orgeltribune voor in de kerk, boven de kansel: de plek van het huidige Vierdag-orgel, al is de situatie later wel veranderd.

In 1974 werd dit orgel verkocht en vervangen door een orgel van orgelbouwer Willem van Leeuwen, dat oorspronkelijk in 1960 was geplaatst in de Goede Vrijdagkerk aan de Cornelis Houtmanstraat. Het was een orgel met 20 stemmen, verdeeld over twee klavieren en pedaal. Dit orgel werd geplaatst op de galerij tegenover het oude orgel, tussen de daar aanwezige kerkbanken.

Het Van Leeuwen-orgel heeft dienstgedaan tot 1997, waarna het werd vervangen door het huidige Vierdag-orgel.

Dit orgel was afkomstig uit de voormalige Julianakerk aan het Kaapseplein en werd in 1972 gebouwd door orgelbouwer Hendrik Jan Vierdag (1918-1992) te Enschede. Toen de Julianakerk in 1997 aan de eredienst werd onttrokken wegens terugloop van het aantal gelovigen, kwam het orgel beschikbaar voor herplaatsing. Het Vierdag-orgel is door de firma Pels & Van Leeuwen te ’s-Hertogenbosch, met enkele wijzigingen, overgeplaatst naar de Bethlehemkerk.

Bij de overplaatsing van het Vierdag-orgel uit de Julianakerk verhuisde de toenmalige organist van dit instrument, Aarnoud de Groen, mee naar de nieuwe kerk en werd in de Bethlehemkerk aangesteld als organist op zijn oude orgel in een nieuwe locatie. Hij was ook de grote initiator van de plaatsing van dit orgel in de Bethlehemkerk.

Het orgel van Vierdag is volledig mechanisch en heeft 28 stemmen over drie klavieren en pedaal. Volgens organist Aarnoud de Groen is het derde klavier, het Borstwerk, kosteloos door de orgelbouwer toegevoegd, omdat hij graag een ‘meesterwerk’ wilde afleveren.

Het oorspronkelijke plan om het pedaalwerk onder te brengen in twee pedaaltorens aan weerszijden van het orgel, kon niet doorgaan. Het pedaalwerk is toen ondergebracht in een aparte kas achter de hoofdwerkkas.

Het orgel oogt niet erg groot, maar heeft een grote klank. Dat komt mede doordat het orgel is voorzien van orgelluiken, die het orgel optisch groter doen lijken en de klank beter verspreiden, maar ook doordat de kerk een fraaie akoestiek heeft.

Het front van het hoofdwerk heeft een fraaie klassieke opbouw met een hoge ronde middentoren en aan weerszijden vlakke velden, waarvan de middelste velden gedeeld zijn en voorzien van zogeheten spiegelvelden. Het Borstwerk staat onder het hoofdwerk in de ingesnoerde onderkas en is voorzien van deurtjes met houtsnijwerk.

Het rugwerk lijkt optisch veel op het hoofdwerkfront, met dit verschil dat de buitenste velden driehoekig uitsteken. Ook het rugwerk is voorzien van orgelluiken. Het rugwerk hangt geheel buiten de orgeltribune. De bespeler zit er ook daadwerkelijk met de rug tegenaan.

Dispositie Vierdag-orgel Bethlehemkerk

Organist en concerten

Organist van de Bethlehemkerk is sinds 1997 Aarnoud de Groen. Daarvoor was hij benoemd in de Julianakerk. Hij verhuisde dus met het orgel mee naar de Bethlehemkerk toen de Julianakerk voor de eredienst werd gesloten en het orgel naar de Bethlehemkerk werd overgeplaatst. Iets waarvoor Aarnoud zich sterk heeft ingezet.

Aarnoud de Groen (Den Haag, 1971) ontving op 9-jarige leeftijd zijn eerste orgellessen. Op 12-jarige leeftijd werd hij benoemd tot kerkorganist in Rijswijk (ZH). Zijn debuut als concertorganist in 1984 bestond uit een serie concerten op het orgel van de Dorpskerk te Pijnacker.

In 1985 werd hij toegelaten tot de gecombineerde opleiding school en muziek aan het Koninklijk Conservatorium te Den Haag. Aan dit instituut heeft hij bij Rienk Jiskoot zijn beroepsopleiding gevolgd. Vervolgens was Ben van Oosten voor enige tijd zijn leermeester.

In 1990 volgde zijn benoeming als organist van de Julianakerk te Den Haag. Hij volgde daar de organist Jan van Weelden op en kreeg de beschikking over het prachtige drieklaviers Vierdag-orgel. Zodoende kon hij zijn les- en concertpraktijk uitbreiden. Wegens sluiting van de Julianakerk in 1997 is hij, samen met zijn orgel, verhuisd naar de Bethlehemkerk te Den Haag, waar hij nog steeds als kerk- en concertorganist werkzaam is.

Aarnoud de Groen betreedt met zijn concertprogrammering niet alleen de gebaande wegen. Naast werken uit onder meer de Duitse barok en Franse romantiek zijn vaak ook minder en soms zelfs onbekende, maar dikwijls spectaculaire orgelwerken op zijn concerten te horen. Op YouTube is hij veelvuldig in de publiciteit als Bach-vertolker op zijn Vierdag-orgel. Deze uitvoeringen zijn ook in het buitenland niet onopgemerkt gebleven. Zo was hij in 2010 te gast op een Fins orgelfestival om de Triosonates van J.S. Bach uit te voeren. Ook in de zomer van 2011 concerteerde hij weer in Scandinavië. Tevens is hij bij herhaling uitgenodigd om te concerteren in de Notre-Dame te Parijs en was hij onder andere in Duitsland, Ierland en Zwitserland te beluisteren.

Sinds 1997 is hij als vaste begeleider verbonden aan het Christelijk Residentie Mannenkoor en sinds enkele jaren is hij ook de vaste begeleider van de Westlandse Koorvereniging Musica.

Aarnoud de Groen verzorgt regelmatig orgelconcerten op zijn orgel in de Bethlehemkerk, maar is ook een veelgevraagd concertgever en begeleider in binnen- en buitenland. In de periode van de coronacrisis startte hij wekelijkse virtuele orgelbespelingen op zijn huisorgel via YouTube. Daarna vervolgde hij deze ‘YouTube-concerten’ met wekelijkse bespelingen op het orgel in de Bethlehemkerk.

Bron: website Aarnoud de Groen